Verslag van onze 2-daagse tuinenexcursie “Rondom Utrecht”, vrijdag en zaterdag 21 en 22 augustus 2026
Ik heb in dit verslag geen poging gedaan om de tuinen, kwekerijen en de planten die we zagen gedetailleerd te benoemen; voor dat soort informatie kun je altijd maar het beste naar de website van de betreffende tuinen e.d. gaan.
In de aanloop naar de zaterdag waren het zonovergoten dagen met tropische temperaturen. Dichter bij de vrijdag sloeg de onzekerheid toe: zouden we het droog houden? Het leek wel nuttig om ook een regenjas en paraplu in de bagage te stoppen.
Vrijdagochtend, kwart voor acht. De Arriva-bus met chauffeur Simon staat klaar. De bagage onder in de bus en een groep van zo’n 40 tuinliefhebbers stapt in. Het is droog en licht zonnig; de eerste klap is binnen.
Richting Zwolle en dan via de Veluwe naar Ede/Barneveld. Onderweg hier en daar een groet van een omgekeerde vlag.
De Beukenhof
In Barneveld wachten Ellen en Hans Lubbers ons al op. Als tuinman met de verantwoordelijkheid voor onze misschien 100 meter lange beukenhaag keek ik jaloers naar de kaarsrecht geschoren, oneindig lange hagen van de Beukenhof. Met bewondering, maar ook met een lichte vorm van medelijden. Wat een klus. Hans vertelde dat hij door een ongeluk zelf de hagen niet meer knipte; hij had daarvoor een voortreffelijke hulp. Ik voelde bijna een persoonlijke opluchting. Maar Ellen en Hans hebben als bevlogen tuinliefhebbers het voor elkaar gekregen om deze wel heel grote tuin tot in de puntjes verzorgd aan de vele liefhebbers die hier jaarlijks komen te tonen. Zo'n tien of misschien wel wat meer jaar geleden bracht tuinclub 2 ook al eens een bezoek aan de Beukenhof. De zorg van Ellen en Hans was toen dat de kippen- en eenden fokkerijen van Barneveld wel erg dichtbij kwamen en met de kippen en eenden ook de geur, stank zeg maar. Ik heb er niets van gemerkt. In de 10.000 m² grote tuin is veel moois te zien. Heerlijk slenteren door de tuinkamers. Genieten en even lekker zitten in de met veel glas overdekte zitruimte en wat mijmeren;
… And into my garden I go to lose my mind and find my soul.
Ellen en Hans, bedankt.
Van de Veluwe via het Gooi naar het Utrechts-Hollands plassen- en veenweidegebied. Naar Graveland, naar een heel andere wereld: Landgoederen, buitenplaatsen met mooie landhuizen van gegoede Amsterdamse families. We gaan naar de Sperwerhof. De tuin van het voormalige landgoed is omgebouwd tot een biologische tuinderij. Net voordat we bij de Sperwerhof zijn, passeren we het landgoed Boekensteijn, waar het hoofdkantoor van Natuurmonumenten zetelt. Dat brengt mij even terug in de tijd: ik zit in 1962 in de 2e klas van de tuinbouwschool Frederiksoord en we gaan op excursie naar het hoofdkantoor en de proeftuinen van de “bestrijdingsmiddelenfabriek Philips-Duphar”. In de bijbehorende kas,waar 's morgens gewerkt werd als het op de proeftuinen nog te nat was, zag ik voor het eerst de Gloriosa. Philips Duphar was gevestigd in het landhuis Boekesteijn. Philips Duphar bestaat niet meer, maar Boekesteijn is nu het trotse bezit van Natuurmonumenten. Het kan verkeren.
De Sperwerhof
De biologische tuinderij van de Sperwerhof ziet eruit zoals het hoort: mengculturen van diverse groenten, bloemen voor de pluk, kruiden, een winkel voor de streekgenoten en een restauratie voor de komende en gaande bezoekers. Een gezellige plek en tuin, een beetje chaotisch, maar leuk om te zien en over de historie van het landgoed/buitenplaats te horen. En … het is nog steeds droog.
We vervolgen onze weg langs de rand van het veenweidegebied en bezoeken in Ankeveen de tuin van Gesien Lauxtermann.
Gesien Lauxtermann
Gesien is inmiddels 88 en dan gaat het wel wat langzamer en moeizamer, maar groene vingers heeft ze nog steeds en ze stelt haar prachtige tuin nog altijd met enthousiasme open bij de opentuindagen van Groei en Bloei 't Gooi Noord en de Nederlandse Tuinen Stichting en op aanvraag. Ze mag haar nationaal en internationaal bekende tuin in Ankeveen alweer een paar jaar geleden verruild hebben voor een wat kleinere tuin en huis, de Pastorie van Ankeveen (ook nog zo’n 1200 m²), maar de moeite waard blijft het. Gelukkig helpt kleindochter bij het verzorgen van de “thee met wat lekkers”.
We gaan richting Utrecht/Vleuten, naar de Vlinderhof.
Vlinderhof
Het gaat licht regenen. Toch maar een jasje aan en de paraplu mee. Uitstappen en met het trekpontje naar de overkant. Daar, in een hoek van het Utrechtse Maximapark ligt de
Vlinderhof, de openbare tuin die ontstaan is door een vrijwilligersinitiatief en ontworpen is door Piet Oudolf, de internationaal vermaarde tuinontwerper.
Het motto van Piet voor zijn tuinontwerpen is:
Ontwerpen gaat niet alleen over planten; het gaat over emotie, sfeer en bezinning.
Een enthousiaste vrijwilliger en zijn team vertellen ons hoe de Vlinderhof ontstaan is en hoe die door vrijwilligers beheerd wordt. De voorman van de vrijwilligers is zo enthousiast dat hij bijna vergeet dat we voor de tuin, de planten komen. Zoals een van ons tegen hem zei: "Meneer, kan het iets korter? We komen voor de plantjes.
Gelukkig inmiddels droog En we hebben nog voldoende kunnen genieten van de planten en het Oudolf-ontwerp. Er valt nog veel over te vertellen. Kijk ook eens op de website https://vlinderhof.com/
Nauwelijks in de bus begint het weer wat te regenen, een bui. We gaan naar het Carltonhotel in Maarssen, dat bijna om de hoek ligt.
Na een heerlijk diner en een drankje, naar bed en de volgende dag op tijd op. Er wacht weer een heerlijk tuinprogramma.
Nardiclant
Als eerste staat het landgoed Nardiclant in het Gooise Laren op het programma. We rijden door lommerrijke lanen met prachtige huizen, een beetje Haren bij Groningen, maar dan nog met meer groen en (nog) grotere huizen.
De rijke Amsterdammers hebben er een lustoord van gemaakt met landhuizen, prachtige jaren 30-villa's. Dat het Gooi ooit een arm heidegebied geweest is met wat keuterijtjes, is niet meer voor te stellen En dan Nardiclant: het huis en de boomrijke omgeving stralen luxe uit, dineren, feesten in een prettige boomrijke omgeving, maar we komen voor de tuin en natuurlijk ook een beetje voor het landhuisgevoel. Je bent niet voor niets in het Gooi. Het landhuis, ooit van de familie Roel, is diverse keren verbouwd en verfraaid; ook de tuin heeft de mode gevolgd. Uiteindelijk is de bijna 3 ha grote tuin ook weer grotendeels teruggebracht naar het ontwerp van de bekende tuinontwerper Leonard Springer. Het ligt op de hoogste punten van de Larense stuwwal en kenmerkt zich door een natuurlijke uitstraling afgewisseld met formele rechte lijnen, en het behoort terecht tot ons cultureel erfgoed.
Peter Prinssen is hier onze gids en gastheer; hij kletst huis en tuin van verleden naar heden aan elkaar. Een mooi stuk Gooise geschiedenis. Prachtig om naar te luisteren. Maar wat is eigenlijk de betekenis van al die speldjes die hij op zijn pet heeft? Ik heb het hem niet gevraagd. Een sympathieke man, die Peter. En volgens hem hoeven we niet jaloers te zijn. Niet alle rijkdom is wat het lijkt en achter de voordeur kunnen we, gelukkig maar, niet kijken.
https://www.amsterdamgarden.com/
Suja plant
We verlaten het Gooi en gaan naar Maarsbergen; we komen in een andere denk- en leefwereld. We gaan naar Sujaplant, de kwekerij van Jan van Hoorn. De bezoekers van de kwekerijdagen van Bob Foltz in Meeden kennen hem wel. Het is de man met het lange haar en de klankschaal met de verkoopkraam die je het eerste ziet bij binnenkomst.
De Suja-plantenkwekerij ziet er supernetjes uit. Zoals Jan zegt, je kan wel lang haar hebben, maar daarom hoeft je kwekerij er niet slordig uit te zien.
De kleine kwekerij van ook bijzondere en exotische planten is prachtig gelegen in een hoek van het landgoed /zorglokatie Valkenheide. Jan heeft het toen verlaten kassencomplex eerst gekraakt, daarna gepacht en later gekocht. In een deel van de kassen heeft hij zijn woonhuis en kijkt hij vandaar op zijn privétuin met zwemvijver. We mochten alles zien. Jan en zijn vrouw hebben hier hun uiteindelijke plekje gevonden. Als je achter de kas langs doorloopt naar het privégedeelte, staat er een bordje met een waarschuwing:
Let op: bij prettig weer kans op naturisme!! Bent u preuts of daarmee niet gediend? Ff bellen.
Maar het is frisjes en neigt naar buien. Jan heeft ons nog even laten genieten van zijn klankschaalspel. We moeten verder. Eens zal de dochter van Jan hier een mooie permanente woning hebben. Dat is het mooie toekomstbeeld van deze idyllische plek.
Hubertushof
We stappen weer in de bus, nu naar Leusden, waar we de tuin van Anja van Heeswijk, de Hubertushof, bezoeken. Opnieuw door lommerrijke lanen naar waar eens de heide was. De naam Hubertus heeft te maken met de jacht. De Hubertushof was oorspronkelijk een jachthuis. We worden ontvangen door Anja en Mart. Het is alweer 30 jaar geleden dat Anja en Mart het vervallen, verwaarloosde huis met een flinke lap grond, een halve hectare, kochten. En in zijn tuin en huis juweeltjes met landelijke bekendheid. Geïnspireerd door de tuinen van Sissinghurst van Harold Nicolson en Vita Sackville-West, met de formele structuren, tuinkamers en de losse beplanting, gingen Anja en Mart aan de slag. De tuinkamers van Sissinghurst Castle vond Mart wat te benauwd, te weinig ruimtelijk. Dus een meer ruimtelijk ontwerp met invloeden van het tuinkameridee ontstond. Er is ook ruimte voor hun geliefde dieren: de ezels, de zwerfhondjes uit Roemenië,
Heerlijk om in te vertoeven. Met haar enthousiasme en de werkkracht opgedaan op de Brabantse boerderij van haar jeugd heeft Anja er iets heel moois van gemaakt. Ook Mart heeft natuurlijk zijn aandeel geleverd; hij bouwde de kas, nam alle technische zaken voor zijn rekening en zorgde samen met Anja ervoor dat ook het huis in de Amsterdamse schoolstijl met kenmerken van de romantiek weer naar het originele ontwerp van de architect Ary Henry van Wamelen werd hersteld. De kasverwarming, verwarmd met aardwarmte, waarvoor zo’n 60 meter diep geboord moest worden, is naar het ontwerp en de aanleg van Mart. Nou ja, hij is dan ook professor elektro in Delft en weet dus waar hij aan begint.
https://www.tuinhubertushof.nl/
Even een lunch maken met o.m. heerlijke zelfgemaakte courgettesoep voor veertig personen. Anja en Mart draaien er hun hand niet voor om. We hadden er wel langer willen blijven. Maar we moeten verder naar ons laatste adres. We gaan naar de Veluwe, naar Otterlo, naar de ambachtelijke kwekerij van Jaap Bol.
Jaap, heet jij nu Duijs … of Bol?
Kweker Jaap is al 35 jaar kweker, gespecialiseerd in sterretjes (Rhodoxis) en Thulbagia en andere, vooral Zuid-Afrikaanse bolletjes, knolletjes en wortelstokken. Hoewel al aardig ver in het jaar bloeiden er nog veel van de door hem geselecteerde sterretjes.
Thulbagia is zijn nieuwe liefde. Dat is geen knol, maar eigenlijk een soort preiplant uit Zuid-Afrika. In het Afrikaans de wildknoffel. Jaap heeft ook van de Thulbagia al veel cultivars ontwikkeld met diverse bloemkleuren, bloemopbouw en plantgrootte. Jaap heeft, zo liet hij ons merken, nog veel zin in het verder ontwikkelen van nieuwe cultivars. https://www.jaapbol.nl
We gaan naar huis.
Onder in de bus is er ruimte voor planten. Langzamerhand neemt het aantal zakken, met de door Simon keurig genoteerde naam van de eigenaars erop, toe.
We gaan naar huis, het is mooi geweest. We hebben prachtige tuinen gezien. Als vanouds een fijn gezelschap van tuinliefhebbers en fantastisch georganiseerd en begeleid door Netty en Klaas. En de bus in de vertrouwde handen van chauffeur Simon. En dan nog mooi tuinweer, wie had dat kunnen denken? Bert Broekman verraste ons op de heenreis al met een Sinterklaasachtige inleiding en volgens Bert kon hij dan ook niet anders dan aan het eind ook iedereen in dichtvorm te danken voor de geslaagde reis.
Arnold Ruiter
3 september 2026